Kop van Drenthe Dierenartsen.

Beste veehoud(st)er en/of paardeneigenaar, Kvd Logo (zonder Achtergrond)

 

Allereerst willen we u alvast een goede jaarwisseling wensen en een gelukkig en gezond 2022!

 Zoals u wellicht bekend is, is sinds een jaar het samenwerkingsverband tussen de dierenartsenpraktijken van Norg, Vries, Peize en Assen (DAP DSA) in werking getreden. De veehouders van Peize zijn per 1 september 2021 overgegaan naar dierenartsenpraktijk Vries.  

Vanaf 1 januari 2022 zal dit samenwerkingsverband onder de naam van ‘Kop van Drenthe dierenartsen’ verder gaan. Dit heeft een aantal veranderingen tot gevolg waarover we u in deze brief willen informeren. Mochten er naar aanleiding van deze brief of anderszins nog vragen zijn, schroom dan niet om contact op te nemen met ons. We staan u graag te woord.  

  • Voor de takken rundvee, schapen, geiten en paarden zal de naam van de praktijken Vries, Norg en Assen wijzigen naar ‘Kop van Drenthe dierenartsen’.  

Voor gezelschapsdieren kunt u vanzelfsprekend terecht bij de praktijken Norg, Vries, Peize en Assen zoals u gewend was. 

  • We werken vanuit het pand van Dierenartsenpraktijk Vries: 

Asserstraat 29 A, 9481 BM Vries 

Hier zal de telefoonlijn binnenkomen, en zal de apotheek met alle medicijnen aanwezig zijn. 

Het verzoek voor de klanten van Norg en Assen is dan ook om per 1 januari 2022 naar de praktijk van Vries te bellen (0592-541216).  

  • In Vries kunt u tussen 8u-12u en 13u-17u medicijnen afhalen aan de balie. Het kan altijd worden klaargezet in het medicijnkastje welke 24 uur per dag bereikbaar is.
  • Mocht u medicijnen op willen halen in Peize, Norg of Assen, dan kunt u dit uiteraard gedurende de hele week bestellen. We zetten dit enkel op een paar dagen in de week klaar op de locaties. Op deze dagen geldt; voor 12u besteld, dan staat het ’s middags klaar vanaf 17u.  
  • Peize: op dinsdag en donderdag 
  • Norg: op woensdag en vrijdag 
  • Assen: op maandag, woensdag, vrijdag
     
  • Voor het aanmelden van visites of overleg met een dierenarts hebben we van maandag t/m vrijdag tussen 8-9 telefonisch spreekuur op 0592-541216. Op dit moment is er een dierenarts aanwezig om eventuele vragen te beantwoorden. Na 9 uur kunnen visites uiteraard ook aangemeld worden, maar krijgt u een assistente aan de lijn en geldt een buiten spreekuur- of spoedtarief. Voor spoed buiten kantoortijden kunt u bellen met hetzelfde nummer. 
  • Ook kunt u visites (die géén spoed zijn) aanmelden of medicijnen bestellen via Whatsapp op nummer: 06-19497912. U krijgt een bevestiging als het bericht is gelezen. Deze berichten worden gelezen op maandag tot en met vrijdag 8-17 (m.u.v. feestdagen). Op dit nummer kan niet gebeld worden. 
  • In ons laboratorium hebben we de mogelijkheid om onderzoek te doen in het bloed voor calcium, magnesium, fosfor, leverwaarden en spierschade enzymen. Daarnaast kunnen we mestonderzoek doen bij bijvoorbeeld kalverdiarree en onderzoek op wormeieren bij rundvee, schapen, geiten en paarden. Melkmonsters gaan met Pim, Marieke of Gerdjan mee naar de praktijk Van Stad tot Wad in Loppersum en worden daar ingezet op bacterieel onderzoek en gevoeligheid voor antibiotica. Melkmonsters mogen ingevroren of vers worden aangeleverd. 
     
  • De factuur zal de eerste maand per post gestuurd worden, daarna zullen wij de factuur automatisch per mail versturen. Mocht u de factuur toch graag per post willen, zou u dit dan willen laten weten door een mailtje te sturen naar info@kopvandrenthedierenartsen.nl 
  • Let op: het rekeningnummer op de factuur is anders dan u gewend was! Ook het BTW nummer en het KvK nummer zijn gewijzigd.
    KvK: 72628847
    BTW: NL859180062B01
    IBAN: NL48RABO0342664980  
     
  • Eens per twee maanden versturen we een nieuwsbrief via de mail. Wilt u de nieuwsbrief niet meer ontvangen of ontvangt u hem op dit moment nog niet? Laat het ons weten.   

 Wij dragen zorg voor het overzetten van uw UBN(s) bij de Gezondheidsdienst voor Dieren, Zuivelplatform (voor KoeKompas en KoeAlert), en Pirdap (inzage MPR gegevens). 

  • We werken met eenzelfde managementsysteem. Voor de boeren van Assen geldt daarom dat de visitebrieven, logboeken en facturen die u zult ontvangen er wat anders uit komen te zien dan u gewend was  

 

Heeft u nog vragen of opmerkingen? 

Wij zijn bereikbaar via: 

  •    0592-541216       

06-19497912 (Whatsapp)

 

info@kopvandrenthedierenartsen.nl 

 Hartelijke groet,  

Gerhard, Ernst, Henno, Mariska, Jan, Madelyn, Pim, Marieke Kooman,  

Paraveterinairen Marieke Visser en Elina.  

Tips voor konijnen tijdens koude dagen.

Met het aanbreken van temperaturen onder het vriespunt en het eventueel sneeuwen is het belangrijk om onze huisdieren extra goed in de gaten te houden.

Hier wat tips voor konijnen:Rabbits Gf3d841912 1920

Binnen konijnen hebben geen last van de kou, zorg er wel voor dat ze niet op de tocht staan.

Een konijn wat eenmaal buiten zit in de winter moet je niet zomaar naar binnen halen. Zij hebben namelijk een dikke wintervacht aangemaakt. Als het naar binnen wordt gehaald krijgt hij het te warm. Zet het konijnhok op een beschutte plek , dus niet pal in de regen ,sneeuw en koude wind. Konijnen kunnen niet tegen vocht en tocht. Zorg ook voor een schuilhokje in het konijnenhok. Lekker beschut en warm. Dek het hok eventueel voor een gedeelte af met plastic of een deken zodat uw konijn niet op de tocht zit en droog kan zitten.

Drinkt uw konijn uit een waterfles? Het drinktuitje van een waterfles kan vastvriezen en dan kan het konijn niet meer drinken. Check meerdere keren per dag de fles of waterbak of het nog niet bevroren is.

Ook groenvoer kan bevriezen, en dit is niet goed voor de buik van het konijn . Haal bevroren groenvoer altijd weer uit het hok.

Zorg verder voor voldoende hooi en stro in het hok zodat het konijn zich lekker kan ingraven.

Let op een konijn kan tot ca -15-20 graden buiten blijven. Voor jonge, zieke en oude dieren zijn dit te lage temperaturen. Plaats het hok dan bijvoorbeeld in de schuur.

 

Laat je hond geen chocolade eten!

De feestdagen komen in zicht, graag herinneren we je er even aan dat chocolade niet goed is voor een hond! Sterker nog, het is giftig. Hoe komt dat en waarom kunnen wij het wel eten maar de hond niet? En wat doe je als je hond toch chocolade heeft gegeten? Chocolade bevat cacaomassa en daarin zitten twee stofjes die voor de hond giftig zijn: theobromide en cafeïne. Voor ons hebben deze stoffen een prettige werking: ze versnellen de hartslag en geven ons een opgewekt gevoel. Deze stoffen hebben op de hond min of meer dezelfde werking maar er is een belangrijk verschil. Mensen kunnen deze stoffen snel in het lichaam opnemen, verwerken en weer uitscheiden. De werking van de stof is daarom kortdurend. Honden kunnen dit niet. De theobromide en cafeïne hopen zich op in het lichaam. De hond wordt door deze stoffen langdurig en in steeds heftiger mate blootgesteld aan een onregelmatige hartslag, hoge bloeddruk, spiertrillingen en hyperactiviteit. De hond wordt ziek. Hoe ziek is afhankelijk van de hoeveelheid en de soort chocolade en het gewicht van de hond. Hoe puurder de chocolade, hoe meer cacaomassa en dus hoe meer van deze stofjes. Om je een idee te geven: 25 gram pure chocolade is genoeg om een hond van 20 kg. te vergiftigen.

De gevolgen van chocoladevergiftiging liegen er niet om:               

* de hond wordt onrustig en hyperactief,

* hij kan gaan braken en aan de diarree raken,

* hij krijgt spiertrillingen,

* bij ernstige vergiftiging kan de hond in coma raken en/of een hartaanval krijgen.

 

Als je vermoedt dat je hond chocolade heeft gegeten, neem dan snel contact op met de dierenarts. Wacht niet af. Vertel de dierenarts welke soort chocolade de hond heeft gegeten en hoeveel. De dierenarts zal je adviseren over wat te doen.

Veranderingen chippen en registreren van honden

Vanaf 1 november verandert de wetgeving over chippen en registreren van honden. Een hond, jong of oud, kan vanaf 1 november alleen verkocht of overgedragen worden als deze is gechipt, geregistreerd is bij RVO via een van de aangewezen portalen en voorzien is van een paspoort. Hiermee kan de malafide hondenhandel beter worden tegengegaan.

Jaarlijks komen er naar schatting 50.000 honden uit het buitenland naar Nederland. Dit zijn vooral pups uit Oost-Europa, maar ook zwerfhonden uit Zuid-Europa en landen buiten de EU. Een aanzienlijk deel van deze handel vindt illegaal plaats. Vaak is er geen aandacht voor het welzijn van de jonge honden: pups worden op te jonge leeftijd gescheiden van hun moeder, hebben vervalste papieren, en worden onder slechte omstandigheden getransporteerd. Ze komen verzwakt aan en overlijden regelmatig onnodig door ziektes die voorkomen hadden kunnen worden.

Registratie om illegale handel te voorkomen

De nieuwe regels voor Identificatie en registratie (I&R) voor honden zorgen voor een betere controle op deze hondenhandel, door het registreren van alle personen die betrokken zijn bij de aanschaf van een hond. Het is hierdoor gelijk duidelijk waar de hond vandaan komt en van wie de hond een chip en paspoort kreeg.

Bij het nieuwe I&R hond worden, naast de hond, ook de eerste eigenaar (veelal fokker, maar ook importeur), de dierenarts en chipper geregistreerd bij RVO. Ook particulieren met een nestje pups moeten zich straks registreren, evenals mensen die zelf een hond uit het buitenland halen. Het toezicht op het registreren en chippen van honden zal worden uitgevoerd door de NVWA en Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID).

Paspoortverplichting bij verkopen of overdragen

Naast de chip en de registratie krijgen vanaf 1 november alle nieuw geregistreerde honden in Nederland een EU-dierenpaspoort, dus ook wanneer een hond niet de grens over gaat. De verplichting van een EU-dierenpaspoort geldt voor alle honden die vanaf 1 november 2021 naar een nieuwe eigenaar gaan. Eigenaren die een hond namen voordat de regelgeving van kracht werd, hoeven geen paspoort voor hun hond aan te schaffen, tenzij ze met hun hond naar het buitenland reizen of als zij hun hond verkopen of overdragen aan een nieuwe eigenaar.

Een toekomstig eigenaar moet bij de aanschaf van een hond nagaan of de hond is gechipt, geregistreerd en een EU-dierenpaspoort heeft.

Betere I&R binnen EU

Omdat misstanden met honden niet alleen in Nederland plaatsvinden, zet minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit zich ook op Europees niveau in om dit tegen te gaan. De kwaliteit van I&R-systemen wisselt per lidstaat. Samen met andere lidstaten en organisaties onderzoekt Nederland de mogelijkheid van nadere Europese eisen aan I&R, zodat illegale hondenhandel op Europees niveau kan worden aangepakt.

Gevolgen voor fokkerij, handel, import én particulieren

Met het vernieuwde I&R hond gaat er een aantal zaken voor de fokkerij, handel en import veranderen. Een aantal punten in het kort:

  • Iedereen die een nestje heeft moet een registratienummer (UBN) aanvragen bij RVO.https://mijn.rvo.nl/dierlocatie-ubn-registreren-en-wijzigen
  • Pups worden gechipt én geregistreerd via een van de aangewezen portalen (voorheen databanken) door een dierenarts of een bij RVO geregistreerde chipper. De fokker doet dus niet meer zelf de registratie van de pups. Hij/zij moet wel een geboorteregistratie doen.
  • Honden die uit het buitenland komen moeten door een dierenarts geregistreerd worden bij een van de aangewezen portalen op naam van de importeur. De importeur moet een UBN aanvragen bij RVO.
  • Elke hond die van eigenaar wisselt moet een chip, registratie en EU-dierenpaspoort hebben.

 

Meer informatie over wat er gaat veranderen is te vinden op www.rvo.nl/hond-kopen.

Bronnen:

LiCG

Rijksoverheid

RVO

PPID Testen

Korting voor paardeneigenaren die in de maanden september en oktober hun paard op PPID laten testen door middel van de ACTH-bepaling in het bloed.

PPID staat voor Pituitary Pars Intermedia Dysfunction, ook wel de ziekte van Cushing genoemd. PPID kan veel verschillende symptomen veroorzaken zoals o.a. sloom zijn, spierverlies en terugkerende infecties. We herkennen vaak wel het lange krullerige haarkleed of de typische vetbulten boven de ogen als die er zijn, echter…
Hoefbevangenheid is vaak ook een verschijnsel van PPID. Paarden met PPID hebben namelijk een verhoogde kans hoefbevangen te worden, bv bij het eten van (m.n. voor- en najaars) gras. Hoefbevangen worden kan zulke ernstig gevolgen hebben dat het van belang is PPID tijdig te onderkennen. Dus nog vóór dat dit soort verschijnselen zijn opgetreden.
De ACTH-bepaling is het meest gevoelig in de herfstmaanden.                                      White Horse 1136093 960 720
Is je paard al eens hoefbevangen geweest?
Hoefbevangenheid voorkomen is beter dan genezen en daarom is het belangrijk om samen met je dierenarts op zoek te gaan naar de oorzaak. Laat je paard verschijnselen zien die bij PPID lijken te passen? We willen je graag helpen bij je onderzoek door in de maanden september en oktober de ‘PPID test met 50% korting aan te bieden. Dit betekend dat je daarnaast nog de visite, gebruiksmaterialen en de verzendkosten betaald. Zo kan PPID tijdig worden aangetoond.
Heeft u interesse in een PPID laboratorium onderzoek? Neem dan contact op met de praktijk.(0592-309903)

 

Ontlastingsonderzoek.

Ontlastingsonderzoek op wormen.

Ontwormen, is dit nodig?

Onze huisdieren kunnen verschillende wormen krijgen, onder andere de spoelwormen, lintworm, hartworm en longworm. Deze wormen krijgt een dier in zijn lichaam via de bek als een eitje, dat zich verder in het lichaam ontwikkelt tot volwassen worm. Omdat de wormen zolang ze leven niet uit het lichaam komen, is het lastig om te ontdekken dat uw hond of kat wormen heeft. Eitjes van de wormen zijn namelijk niet met het blote oog te zien, dus hoewel de ontlasting er goed uitziet kan deze vol wormeieren zitten!

Het is dus zeker belangrijk om regelmatig een wormbesmetting te controleren. Dit kan op twee manier: u kunt een anti-wormen middel geven om een eventuele worminfectie direct te bestrijden. Als uw hond of kat daadwerkelijk besmet was met wormen ziet u deze binnen 48 uur in de ontlasting. Het zal echter ook regelmatig gebeuren dat u uw huisdier ontwormt, zonder dat hij wormen heeft.

Om te voorkomen dat u onnodig wormmiddelen geeft, kunt u ook kiezen voor een ontlastingsonderzoek. De ontlasting van uw huisdieren wordt in de praktijk onderzocht en u ontvangt dezelfde dag nog de uitslag. Alleen als er daadwerkelijk wormeieren gezien zijn geeft u een wormtablet.

We hopen hiermee preventief onderzoek te stimuleren in plaats van dieren onnodig te belasten met ontwormmiddelen. Maar ook dat eigenaren de verantwoording nemen dat hun dier geen gevaar vormt voor de omgeving doordat het dier gecontroleerd wordt op het wel of niet hebben van wormen.

U kunt een speciaal potje om de ontlasting mee op te vangen krijgen in onze kliniek. Dit zit bij de prijs van het ontlastingsonderzoek inbegrepen.

Natuurlijk mag u ook ontlasting in een eigen potje of bakje inleveren. Bij het brengen van de ontlasting rekent U het bedrag van het ontlastingsonderzoek bij het afleveren af.

Wilt u de ontlasting van uw hond niet testen, maar uw hond en kat wel goed ontwormen, dan zijn dit de aanbevelingen van de ESCCAP (European Scientific Counsel Companion Animal Parasites)

12x per jaar: bij honden die in gebieden wonen waar de vossenlintworm (Zuid-Limburg, Oost-Groningen, Noord-Europa) of hartworm voorkomt (Zuid-Europa, USA).

6-12 x per jaar: honden die jagen, prooidieren, slakken of rauw vlees eten.

4x per jaar: dieren die buiten en in contact met soortgenoten komen.

1-2x per jaar: dieren die niet buiten komen

Bijwerkingen ontworming.

Ontwormingsmiddelen hebben over het algemeen nauwelijks bijwerkingen en kunnen ook aan zieke dieren worden gegeven.

Bij regelmatig ontwormen kan resistentie optreden. Dit is bij honden- en kattenwormen nauwelijks het geval.

Lees voor het gebruik de bijsluiter en meld bijwerkingen bij uw dierenarts.

Mest onderzoek Paard.

Veel mensen zijn gewend hun paarden volgens een vast schema te ontwormen. Deze manier werkt echter resistentie oftewel ongevoeligheid voor ontwormingsmiddelen in de hand. Veel beter is het paarden te ontwormen op basis van mestonderzoek. Dan worden alleen de paarden ontwormd die daadwerkelijk een te hoge eiuitscheiding hebben. Uit onderzoek is namelijk gebleken dat 80% van de paarden onnodig ontwormd wordt.

Wat zijn wormen precies?

Wormen zitten bij paarden vooral in het spijsverteringsstelsel. Met wormen besmette paarden scheiden met de mest wormeitjes uit die na een tijdje als larven door een ander paard met het gras weer worden opgenomen. Wormen vormen met name bij jonge paarden een groot probleem. Ze kunnen bij veulens zorgen voor een groeiachterstand, vermagering, ernstige koliek of diarree. Soms kan een wormbesmetting zelfs de dood tot gevolg hebben doordat de paarden bijvoorbeeld uitdrogen ten gevolge van ernstige diarree of doordat ze bloedvergiftiging krijgen. De darmen zijn dan zo ernstig beschadigd dat er bacteriën in het bloed kunnen komen. Het is dus belangrijk een wormbesmetting zoveel mogelijk te voorkomen.

Mestonderzoek

Bij een mestonderzoek wordt de mest onderzocht op de aanwezigheid van wormeitjes. Er wordt gekeken naar welke soort eitjes en in welke hoeveelheid ze worden uitgescheiden. Mestonderzoek wordt gedaan om ervoor te zorgen dat de weidebesmetting laag blijft door de uitscheiding van eitjes laag te houden. Mestonderzoek is het belangrijkste in het voorjaar en in de zomer. In het najaar en in de winter kan mestonderzoek een vals negatieve uitslag geven omdat sommige wormen dan in ‘winterslaap’ zijn en geen eieren uitscheiden.

Waarom mestonderzoek?

In de levenscyclus van de worm speelt de wei een belangrijke rol. Paarden die besmet zijn met wormen scheiden met de mest wormeitjes uit die na een tijdje als larven met het gras weer worden opgenomen. Mestonderzoek wordt gedaan om ervoor te zorgen dat de weidebesmetting laag blijft door de uitscheiding van eitjes laag te houden.

Zorg voor een goed weidemanagement

Om de levenscyclus van de worm te doorbreken is gericht ontwormen en een goed weidebeleid enorm belangrijk. Houd de weidebesmetting laag:

  • verwijder minstens twee keer per week de mest uit de weide;
  • laat de paarden slechts twee à drie weken op hetzelfde stuk grazen, waarna je ze omweid;
  • laat een andere diersoort, zoals bijvoorbeeld schapen, op het ‘oude’ stuk grazen;
  • of kies ervoor het land te maaien;
  • zorg dat er vóór het omweiden een mestonderzoek gedaan is en dat er, indien nodig, ontwormd is. Dan komen er zo min mogelijk eieren op de schone wei terecht.

Hoe en wanneer mestonderzoek?

 

Het is verstandig om bij paarden ouder dan drie jaar twee tot drie keer per jaar mestonderzoek te doen (maart, juni, september) en ze één keer per jaar, in het najaar (oktober/november), standaard te ontwormen met een middel dat ook tegen lintwormen werkt.

 

Het beste is om van alle dieren apart een mestonderzoek te doen. De eiuitscheiding per paard verschilt namelijk sterk. Dit wordt onder andere bepaald door de weerstand die het paard in zijn leven tegen wormen heeft opgebouwd. Via mengmonsters is niet duidelijk aan te tonen welk dier in een groep de hoge eiuitscheiding heeft en worden veel paarden onnodig ontwormt.

Bij een mestonderzoek is het belangrijk om verse mest te gebruiken. De mest mag niet in contact zijn geweest met de bodem. Een mestbal van bovenop de hoop is prima. Verpak de mest luchtdicht in een zakje met daarop de naam en leeftijd van het paard. Als de mest niet direct naar de dierenarts gebracht wordt, kan de mest in de koelkast bewaard worden.

We doen elke woensdag Paardenmest onderzoek. Kosten hiervoor zijn:Per onderzoek E 25,- Heeft u meer paarden betaald u voor het eerste onderzoek E 25,- de opvolgende E 21,95(wel graag apart verpakt of een mengmonster van max.3 paarden.

Paarden van drie jaar en jonger

De enige uitzondering op bovenstaande informatie betreft paarden van drie jaar en jonger. Het is verstandig van deze dieren regelmatiger mestonderzoek te doen en/of wel volgens een vast schema te ontwormen omdat zij door hun beperkte weerstand meer kans hebben op problemen ten gevolge van wormen. Ontworm alle paarden uit dezelfde groep of weide op hetzelfde moment en geef ze de juiste dosering op basis van hun lichaamsgewicht.

Veulens

veulen thumb

Het is erg belangrijk dat veulens ook tegen spoelwormen behandeld worden met pyrantel, omdat er resistentie is van deze wormen tegen de gangbare ontwormingsmiddelen. Wees er echter alert op dat niet elk middel geschikt is voor veulens. Voor het ontwormen van veulens kunt u dan ook het best uw dierenarts om advies vragen.

Drachtige merries

Drachtige merries moeten één tot twee weken voor de geboorte van het veulen ontwormd worden met Ivermectine. Dit is niet bedoeld voor de merrie zelf, maar voor het pasgeboren veulen. Zorg er tevens voor dat de gehele stal uitgemest en goed schoongemaakt wordt voor de geboorte.

Voor ontwormmiddelen kunt u ook bij ons terecht, mocht u nog vragen hebben kunt u bellen met de praktijk: 0592-309903

Teken

Teken zijn kleine spinachtigen met vier verschillende levensstadia: het ei, de larve, de nimf en de volwassen teek. Alleen vrouwelijke teken voeden zich met bloed van een mens of dier. Dit bloed is noodzakelijk voor de ontwikkeling van haar eitjes. Wanneer ze zich volgezogen heeft, laat ze zich van het dier vallen, legt ze vervolgens honderden tot duizenden eitjes om tenslotte te sterven.

Teken kunnen voor veel overlast zorgen en allerlei gezondheidsproblemen veroorzaken. Goede preventie en snel ingrijpen bij problemen is essentieel voor de gezondheid van een dier. Er zijn diverse producten tegen teken verkrijgbaar. Vele zijn combinatieproducten die zowel tegen teken als vlooien werken. Bij veel producten zullen teken wel eerst moeten bijten voordat ze gedood worden. Daarom is het altijd verstandig om uw hond en kat regelmatig op teken te controleren en vastgehechte teken alsnog zo snel mogelijk te verwijderen met een tekenhaakje.

 

Tips voor het verwijderen van teken:

• Gebruik een puntig pincet, een goede tekentang of een tekenkaart.
• Probeer de teek zo dicht mogelijk op de huid bij de kop beet te pakken en niet in het lichaam van de teek te knijpen.
• Trek m.b.v. de puntige pincet, tekentang of tekenkaart de teek voorzichtig recht uit de huid.
• Irriteer de teek niet met olie, alcohol of vuur e.d., dit verhoogt mogelijk de kans op besmetting!
• Desinfecteer het bijtwondje na verwijdering van de teek met alcohol 70% of met jodium.

 

Vraag Uw dierenarts om het beste advies!

– Uw dierenarts weet het meest over diergeneesmiddelen en de werking ervan.
– Uw dierenarts kan de gezondheid van je dier het best beoordelen.
– Uw dierenarts kan een persoonlijk advies geven op basis van je thuissituatie.
– Uw dierenarts beschikt over innovatieve, langwerkende middelen.

Tips voor katten tijdens koude dagen.

Met het aanbreken van temperaturen onder het vriespunt en het eventueel sneeuwen is het belangrijk om onze huisdieren extra goed in de gaten te houden.

Hier wat tips voor katten:

Katten kunnen vrij goed tegen de winterkou. In de winter hebben ze een dikkere vacht die een natuurlijke bescherming geeft tegen kou. De meeste katten zullen bij sneeuw en ijs binnen blijven, toch zijn er katten die er op uit trekken.

Ook al hebben ze een wintervacht, bij een langere periode van nattigheid en vrieskou ligt het gevaar van onderkoeling op de loer.

  • Zorg dat je kat altijd naar binnen kan. Kijk of het kattenluikje nog goed werkt.
  • Katten gaan  ook buiten op zoek naar een warme slaapplaats. Als je kat niet naar binnen kan bestaat het risico dat ze andermans garage of schuur opzoeken. Controleer of er geen kat in je schuur verstopt en/of opgesloten zit.
  • Een warm motorblok is voor katten een gewilde en warme slaapplek, evenals de bovenkant van je autobanden. Geef even een klopje op de motorkap voordat je de auto start.
  • Is er gestrooid vanwege sneeuw en/of ijs maak dan de pootjes de onderbuik van je kat schoon met een vochtige doek wanneer het van buiten komt .Om de kussentjes te beschermen kan u ze insmeren met vaseline(zonder toevoegingen)
  • Als het gevroren heeft en op de vijver in je tuin een dun laagje ijs ligt wees dan extra alert. Het zal niet fijn zijn als u kat door het ijs zakt.
  • Wanneer je kat ’s winters meer binnen is, moet je misschien de kattenbak vaker verschonen.
  • Jonge kittens en oudere katten hebben extra aandacht nodig bij vrieskou. Houd ze zoveel mogelijk binnen en zorg voor een warme plek, weg van tochtende ramen en deuren.
  • Als buitenkatten normaal buiten drinken, wees dan erop bedacht dat ze binnen extra water nodig hebben.
  • As u de buitenkatten buiten voeding geeft ,controleer dan een paar keer per dag of het voedsel niet bevroren is.

Tips voor honden tijdens koude dagen.

Met het aanbreken van temperaturen onder het vriespunt en het eventueel sneeuwen is het belangrijk om onze huisdieren extra goed in de gaten te houden.

Hier wat tips voor honden:

Voetzooltjes.

Is er gestrooid? Zout kan irritaties aan de voetzooltjes geven. Smeer deze daarom voor het uitlaten in met Vaseline(zonder toevoegingen).

Spoel ze na afloop af met lauwwarm water en droog ze af.

Tussen de voetzolen kunnen zich soms sneeuwklompjes gaan vasthechten , dit voelt erg ongemakkelijk aan. het bemoeilijkt het lopen als er sneeuw en ijsklompjes onder de voetzolen vastkleven. Knip daarom overtollig haar weg om dit te voorkomen.

Vacht.

Tegenwoordig krijgen de meeste honden geen echte wintervacht meer omdat het in onze huizen altijd een aangename temperatuur is. Voor de meeste honden is het geen probleem als het koud is. Zij weten zichzelf warm te houden.

Een natte vacht isoleert slecht, dus laat uw hond nooit met een natte vacht in de kou staan. Hierdoor kunnen ze onderkoeld raken.

Aan de achterkant van de poten en onder de buik hebben sommige hondenrassen lange haren. Er kunnen zich sneeuwklompjes gaan vasthechten aan de lange vacht en dit voelt erg ongemakkelijk aan. Mochten er toch klompjes sneeuw aan de vacht vast kleven, knijp ze dan stuk. Probeer ze nooit los te trekken.

Maag- en darmklachten.

Als honden teveel sneeuw eten kunnen ze maag- en darmklachten krijgen

Grootte.

Honden met korte pootjes bevinden zich dichter bij de grond. Hoe dichter bij de grond hoe kouder. Het is daarom verstandig om uw hond met de vrieskou een jasje aan te doen.

Niet op het ijs.

Ijs is uiteraard erg glad, waardoor je hond kan uitglijden. Hij kan zijn gewrichten, botten of spieren blesseren. Daarnaast loop je gevaar dat je hond door het ijs zakt of in een wak valt met alle gevolgen van dien.

Verlichting.

In de wintermaanden is het eerder donker. Goede verlichting is dan geen overbodige luxe. Zorg dat je hond goed zichtbaar is en dat geldt natuurlijk ook voor u.