Tips voor konijnen tijdens koude dagen.

Met het aanbreken van temperaturen onder het vriespunt en het eventueel sneeuwen is het belangrijk om onze huisdieren extra goed in de gaten te houden.

Hier wat tips voor konijnen:

Binnen konijnen hebben geen last van de kou, zorg er wel voor dat ze niet op de tocht staan

Een konijn wat eenmaal buiten zit in de winter moet je niet zomaar naar binnen halen. Zij hebben namelijk een dikke wintervacht aangemaakt. Als het naar binnen wordt gehaald krijgt hij het te warm. Zet het konijnhok op een beschutte plek , dus niet pal in de regen ,sneeuw en koude wind. Konijnen kunnen niet tegen vocht en tocht. Zorg ook voor een schuilhokje in het konijnenhok. Lekker beschut en warm. Dek het hok eventueel voor een gedeelte af met plastic of een deken zodat uw konijn niet op de tocht zit en droog kan zitten.

Drinkt uw konijn uit een waterfles? Het drinktuitje van een waterfles kan vastvriezen en dan kan het konijn niet meer drinken. Check meerdere keren per dag de fles of waterbak of het nog niet bevroren is.

Ook groenvoer kan bevriezen, en dit is niet goed voor de buik van het konijn . Haal bevroren groenvoer altijd weer uit het hok.

Zorg verder voor voldoende hooi en stro in het hok zodat het konijn zich lekker kan ingraven.

Let op een konijn kan tot ca -15-20 graden buiten blijven. Voor jonge, zieke en oude dieren zijn dit te lage temperaturen. Plaats het hok dan bijvoorbeeld in de schuur.

 

Tips voor katten tijdens koude dagen.

Met het aanbreken van temperaturen onder het vriespunt en het eventueel sneeuwen is het belangrijk om onze huisdieren extra goed in de gaten te houden.

Hier wat tips voor katten:

Katten kunnen vrij goed tegen de winterkou. In de winter hebben ze een dikkere vacht die een natuurlijke bescherming geeft tegen kou. De meeste katten zullen bij sneeuw en ijs binnen blijven, toch zijn er katten die er op uit trekken.

Ook al hebben ze een wintervacht, bij een langere periode van nattigheid en vrieskou ligt het gevaar van onderkoeling op de loer.

  • Zorg dat je kat altijd naar binnen kan. Kijk of het kattenluikje nog goed werkt.
  • Katten gaan  ook buiten op zoek naar een warme slaapplaats. Als je kat niet naar binnen kan bestaat het risico dat ze andermans garage of schuur opzoeken. Controleer of er geen kat in je schuur verstopt en/of opgesloten zit.
  • Een warm motorblok is voor katten een gewilde en warme slaapplek, evenals de bovenkant van je autobanden. Geef even een klopje op de motorkap voordat je de auto start.
  • Is er gestrooid vanwege sneeuw en/of ijs maak dan de pootjes de onderbuik van je kat schoon met een vochtige doek wanneer het van buiten komt .Om de kussentjes te beschermen kan u ze insmeren met vaseline(zonder toevoegingen)
  • Als het gevroren heeft en op de vijver in je tuin een dun laagje ijs ligt wees dan extra alert. Het zal niet fijn zijn als u kat door het ijs zakt.
  • Wanneer je kat ‘s winters meer binnen is, moet je misschien de kattenbak vaker verschonen.
  • Jonge kittens en oudere katten hebben extra aandacht nodig bij vrieskou. Houd ze zoveel mogelijk binnen en zorg voor een warme plek, weg van tochtende ramen en deuren.
  • Als buitenkatten normaal buiten drinken, wees dan erop bedacht dat ze binnen extra water nodig hebben.
  • As u de buitenkatten buiten voeding geeft ,controleer dan een paar keer per dag of het voedsel niet bevroren is.

Tips voor honden tijdens koude dagen.

Met het aanbreken van temperaturen onder het vriespunt en het eventueel sneeuwen is het belangrijk om onze huisdieren extra goed in de gaten te houden.

Hier wat tips voor honden:

Voetzooltjes.

Is er gestrooid? Zout kan irritaties aan de voetzooltjes geven. Smeer deze daarom voor het uitlaten in met Vaseline(zonder toevoegingen).

Spoel ze na afloop af met lauwwarm water en droog ze af.

Tussen de voetzolen kunnen zich soms sneeuwklompjes gaan vasthechten , dit voelt erg ongemakkelijk aan. het bemoeilijkt het lopen als er sneeuw en ijsklompjes onder de voetzolen vastkleven. Knip daarom overtollig haar weg om dit te voorkomen.

Vacht.

Tegenwoordig krijgen de meeste honden geen echte wintervacht meer omdat het in onze huizen altijd een aangename temperatuur is. Voor de meeste honden is het geen probleem als het koud is. Zij weten zichzelf warm te houden.

Een natte vacht isoleert slecht, dus laat uw hond nooit met een natte vacht in de kou staan. Hierdoor kunnen ze onderkoeld raken.

Aan de achterkant van de poten en onder de buik hebben sommige hondenrassen lange haren. Er kunnen zich sneeuwklompjes gaan vasthechten aan de lange vacht en dit voelt erg ongemakkelijk aan. Mochten er toch klompjes sneeuw aan de vacht vast kleven, knijp ze dan stuk. Probeer ze nooit los te trekken.

Maag- en darmklachten.

Als honden teveel sneeuw eten kunnen ze maag- en darmklachten krijgen

Grootte.

Honden met korte pootjes bevinden zich dichter bij de grond. Hoe dichter bij de grond hoe kouder. Het is daarom verstandig om uw hond met de vrieskou een jasje aan te doen.

Niet op het ijs.

Ijs is uiteraard erg glad, waardoor je hond kan uitglijden. Hij kan zijn gewrichten, botten of spieren blesseren. Daarnaast loop je gevaar dat je hond door het ijs zakt of in een wak valt met alle gevolgen van dien.

Verlichting.

In de wintermaanden is het eerder donker. Goede verlichting is dan geen overbodige luxe. Zorg dat je hond goed zichtbaar is en dat geldt natuurlijk ook voor u.